Kousebandslangen.nl - Het voedsel

HOME


Hoe vaak moet je een kousebandslang voeren is een veel gestelde vraag. Vooral bij nog onervaren houders.
Dit is echter niet zwart/wit uit te leggen. Er zijn geen vast omlijnde regels voor te geven. Wel kan ik vertellen hoe ik het doe.

Jonge dieren voer ik in de eerste maanden na de geboorte om de 2 à 3 dagen. Ze kunnen dan eten zoveel als ze opkunnen/willen.
Vanaf ongeveer de derde maand na de geboorte wordt dit om de 3 à 4 dagen en ook weer net zoveel als ze willen/opkunnen.
In het tweede levensjaar, na de eerste winterslaap, hou ik de eerste maanden nog een ritme aan van om de 3 à 4 dagen en weer net zoveel als ze opkunnen/willen.
Gaandeweg het tweede levensjaar worden de tussenpozen steeds groter, zodat ik tegen september/oktober op 1 x per week zit. Wel nog steeds net zoveel als ze opkunnen/willen.
Vanaf het derde levensjaar blijft het ritme op ongeveer 1 x per week net zoveel als ze opkunnen/willen.

Je zal merken dat sommige dieren tevreden zijn met 1 à 2 voedselitems per voederbeurt (vaak mannetjes) terwijl andere exemplaren zich tot aan de nek vol eten. Laatstgenoemde dieren probeer ik dan wat minder te geven. Dit kan, omdat ik de meeste slangen uit het pincet voer. Dit leren ze vrij gemakkelijk als je wat geduld hebt. Zo ben je wel wat langer bezig, maar weet je in ieder geval welke dieren eten en welke niet. Een exemplaar dat niet wil eten en niet in een aankomende vervelling zit krijgt een aantekening. Ik schrijf op een papiertje dat hij/zij niet gegeten heeft. Mocht dit de komende voederbeurten weer het geval zijn, dan hou ik zo'n dier extra in de gaten.
Ander voordeel van het uit de pincet voeren is dat je het voedsel beter kunt verdelen. Ik voer vaak verschillende items per voederbeurt. Meestal spiering, kippenhart en een pinkie. Doe je het eten in een bakje, dan zul je zien dat sommige schrokoppen alle pinkies er tussen uit pikken en dat de anderen naast het net vissen.

Ik koop alle benodigdheden (spiering, kippenhart, visfilet) tegelijkertijd en maak er porties van die ik invries. Pinkies houd ik apart, simpelweg omdat ik die al diepvries koop. De dag dat ik ga voeren ontdooi ik een portie en de benodigde pinkies. Deze ontdooi ik zonder te verwarmen. Gewoon in het zakje op het aanrecht.

Porties kippenhartjes, visfilet en spiering, klaar om in te vriezen

 

Blijf altijd in de buurt van het terrarium en wees alert. Kousebandslangen hebben de neiging om elkaars eten uit de bek te stelen. Dit kan tot gevolg hebben dat de ene de andere (per ongeluk) opeet.

Bij de foto:
Van Yvon van het Garter- and Ribbon-Forum van Kingsnake.com mocht ik deze foto plaatsen.
Je ziet hier hoe het vreselijk mis kan gaan. Zal de tekst die bij de foto hoort letterlijk vertaald hierneer zetten.
Zie het als een geheugensteuntje en/of waarschuwing.

"Zijn je kousebandslangen bij elkaar gehuisvest en eten ze ook terwijl ze bij elkaar zitten? Als het antwoord JA is, dan zul je ze apart moeten zetten als hun grootte erg uiteen begint te lopen. Ik ben er namelijk een kwijt geraakt door kannibalisme, veroorzaakt door onoplettendheid. Ze hebben altijd om de vis gevochten (de een vangt de vis en de ander probeert, opportunisten als ze zijn, hem af te pakken. Toen een van de twee groter dan de ander werd, maakte het niet meer uit dat de andere slang aan het uiteinde van de vis hing. Op de foto zie je hoe dit er de volgende morgen uitzag!"

Persoonlijke noot van mij: dit is eigenlijk geen kannibalisme, maar per ongeluk een soortgenoot opeten.
Kannibalisme is het bewust/instictief opeten van een soortgenoot.
Kannibalisme


Wat kun je een kousebandslang allemaal voeren?

# Dode vis - allerlei (diepvries-)soorten zijn te voeren. Ik voer voornamelijk spiering die ik in de dierenspeciaalzaak koop. Hier kost een kilo diepvriesspiering ca. € 10,00. Ik heb o.a. ook koolvis, kabeljauw en wijting gevoerd, maar doe dit tegenwoordig niet meer. De enige reden waarom ik deze niet meer voer, is de gemakkelijke verkrijgbaarheid van de spiering. Dit is tenslotte toch een héle vis en zal daarom meer voedingswaarde hebben. In het verleden was spiering niet zo gemakkelijk te verkrijgen en was ook tamelijk duur. Sinds september 2007 geef ik, als onderdeel van het totale voedselpakket ook pangasiusfilet (wit) en meervalfilet (twee vissoorten die ik bij AH koop). De Pangasius ypothalmus is ook een meervalsoort. De meervalfilet is waarschijnlijk van de Afrikaanse meerval (Clarias lazerna) die gekweekt wordt op Ameland.

.

Pangasiusfilet (Pangasius ypopthalmus )

 

Meervalfilet (Clarias lazerna)

 

Thamnophis sirtalis tetrataenia eet een stukje pangasiusfilet

 

Thamnophis atratus atratus (vrouw) eet een spiering

 

Thamnophis sirtalis tetrataenia (vrouw) eet een spiering

 

Thamnophis sirtalis sirtalis (man) eet een spiering

 


# Levende vis - In dierenwinkels en zo worden vaak goedkope goudvisjes verkocht. Ook kun je soms beschadigde visjes voordelig kopen. Allerlei aquariumvisjes zijn te voeren. Maar de kwaliteit van de visjes is niet in elke winkel goed te noemen. Het beste kun je zelf een kweekje opzetten met guppen of een andere, gemakkelijk te kweken soort. Hierdoor heb je zelf in de hand hoe de kwaliteit van de visjes is. Je kan ook contact zoeken met je lokale aquariumvereniging. Die kunnen je wellicht ook aan voordelige, goede visjes helpen die ze teveel hebben. Ik voer zelf zelden tot vrijwel nooit levende vissen.

 


Bij het voeren van vis kan er een probleem ontstaan.
Dit hangt af van het wel of niet aanwezig zijn van thiaminase in de vis.


# Kipfilet - Zo nu en dan, als ik er aan denk om een stukje apart te houden als ik het voor onszelf ga bakken, voer ik kipfilet. Ik knip dit in strookjes van de juiste dikte en van ca. 1 à 2 cm lang. Dit vlees wordt gemiddeld 1 x per maand gevoerd, denk ik.


# Regenwormen - geen mestwormen, want die lusten ze niet en ik heb ook wel eens ergens gelezen dat deze giftig kunnen zijn. Verzamel je wormen in schone grond waar geen insecticiden gesproeid zijn. Ze zijn ook wel te koop in hengelzaken, maar daar heb ik geen ervaring mee.

Thamnophis sirtalis sirtalis eet een worm

Thamnophis sirtalis tetrataenia eet een worm

Thamnophis sirtalis tetrataenia eet een worm


# Hart - ik geef, als onderdeel van een gevarieerd voedselpakket, regelmatig kippenhart aan de kousebandslangen. Ik ben er nog geen een tegen gekomen die dit niet wilde eten. Ik koop ze bij Albert Heijn en vries ze in porties in. Na het ontdooien van een dergelijke portie knip ik de hartjes in sukken van het juiste formaat. Ook runderhart kan gevoerd worden, maar dat doe ik zelden.

Ontdooide kippenhartjes en spiering

 

Thamnophis sirtalis tetrataenia eet een stukje kippenhart


# Muizen - Zo gauw de slangetjes groot genoeg zijn om een pinkie op te kunnen, kun je hier mee starten. Niet elke slang zal ze zomaar accepteren, maar als je een pinkie laat ontdooien in een zakje met voedsel dat hij gewend was om te eten, dan lukt het meestal wel. Ik ben nog niet een kousebandslang tegengekomen die geen pinkies wilde eten. Ik voer gewoonlijk slechts een pinkie per slangetje per voederbeurt en geef daarbij ook nog vis/kippenhart/etc. Ik doe dit om wat afwisseling te houden in het voedselaanbod en bij mijn weten eet geen enkele kousebandslang in de natuur alleen maar muizen. Naarmate de slangen groeien kun je ook de muizengrootte aanpassen. Grote exemplaren van bijvoorbeeld Thamnophis sirtalis eten zelfs volwassen muizen. Pinkies van ratten, hamsters, etc kun je natuurlijk ook voeren.


# Amfibieën - Ik voer die persoonlijk niet en wel om de volgende redenen. Ten eerste is het een duur voedseldier, want je zal kikkers moeten kopen. Alle in Nederland/België levende amfibieën zijn namelijk wettelijk beschermd en dat is niet zonder reden. Die mag je dus niet vangen! Ten tweede loop je bij het voeren met wildvang kikkers het risico dat deze dieren inwendige parasieten overdragen op je slangen. In de derde plaats loop je het risico dat wanneer je een kikkertje hebt gevoerd de slang niks anders meer wil. En kun je dan niet gemakkelijk aan kikkers komen, dan heb je een probleem. Voorlaatste reden is een subjectieve. Ik vind kikkers veel te leuk om ze als voedseldier te gebruiken. De laatste reden om geen amfibieën te voeren is dat ze prima zonder kunnen. Er zijn voldoende alternatieven. Het kan echter soms handig zijn wanneer je een verse roadkill-kikker vindt deze in te vriezen. Voedselweigerende kousenbandslangen zijn nog wel eens aan het eten te krijgen door een voedselitem langs die kikker te wrijven. Zie dit als een allerlaatste poging om een slang aan het eten te krijgen. Hierbij kunnen er namelijk ook parasieten overgedragen worden, want niet alles gaat dood in de vriezer.

 

Je kunt natuurlijk wel een amfibieënkweek opzetten met de bedoeling de nakomelingen aan je slangen te voeren. Gebruik hiervoor dan geen giftige soorten als de reuzenpad of gifkikkertjes. Amfibieënsoorten die relatief gemakkelijk in redelijke hoeveelheden zijn te kweken zijn o.a. de reuzenklauwkikker (Xenopus laevis), de dwergklauwkikker (Hymenochirus boettgeri), de axolotl (Ambystoma mexicanum) en de Spaanse ribbensalamander (Pleurodeles waltl). Bedenk echter wel dat je waarschijnlijk meer tijd bezig bent met je "voedselkweek" dan met je Thamnophissen. Het kan natuurlijk een tweede hobby zijn/worden. Maar dan vind je het misschien vervelend om je nakweekamfibieën op te voeren. En loopt je kweek eens niet zo lekker en willen je slangen niks anders, dan heb je een probleem. Dus wat mij betreft… vergeet de amfibieën als voedselitem.


# Kattenvoer - daar kattenvoer een soort totaalvoedsel is waar kalk, vitaminen en mineralen inzitten, kan dit prima als onderdeel van het voedselpakket dienen. Kijk op de verpakking wat er in zit. Je kunt kattenvoer uit blik geven, maar ook de droge brokjes zijn goed te gebruiken. Bij het blikvoer kun je het beste de gelei met warm water afspoelen zodat je brokjes, balletjes of stukjes overhoudt. Maak het zonodig klein zodat het hapklare brokken worden. Zo verklein je het risico dat twee slangen hetzelfde voedselitem pakken. Welk merk je neemt moet je zelf maar bekijken. Ook de droge brokjes worden wel gegeten. Laat deze een poos weken in water of gooi ze in de waterbak. Na het voeren natuurlijk wel even water verversen. Ook hier is het merk niet zo belangrijk. Soms krijg je niet-etende slangetjes aan het eten met kattenvoer. Geef niet alleen kattenvoer! Gebruik het als onderdeel van het voedselpakket. Grote voordeel is dat het gemakkelijk verkrijgbaar is, niet duur is en lang houdbaar is. Persoonlijk geef ik dit zelden.


# Naaktslakken - sommige soorten lusten graag naaktslakken. Je kunt het altijd eens proberen. Heb hier niet veel ervaring mee. Wel eens geprobeerd; de slangen (T. s. sirtalis) toonden wel interesse, maar aten ze niet op. Ik ving dan van die kleintjes in onze eigen tuin.


# Diversen - In het verleden heb ik zo af en toe ook wel de volgende items gevoerd: kippenmaag, kippenlever, milt, kipfilet en mager soepvlees. Dit werd prima gegeten. Tegenwoordig voer ik voornamelijk spiering, kippenhart, wormen, visfilets en pinkies.


Op de spiering, de kipfilet en het kippenhart doe ik bij elke voederbeurt een kalk-, vitamine- en mineralenpreparaat. Ik gebruik afwisselend Gistocal, Minerall indoor en Carmix (Hope Farms).
Af en toe (willekeurig) voeg ik daar nog een beetje melkzure kalk aan toe.


 

Tijdens de vakantie

Tijdens onze vakantie eten de slangen niks. Ik stop een kleine week voor we vertrekken met voeren en schakel de dag dat we vertrekken alle lampen uit. Waterbakjes worden een paar keer per week verschoond door een "oppas". Meestal gaan we tussen de 2 en 3 weken weg en gedurende deze hele periode eten de slangen dus niks. Dit gaat perfect en de dieren hebben hier geen last van. Sterker nog, als ik probeer om ze een dag nadat we terug zijn gekomen te voeren (de lampen hebben dan alweer een dag gebrand), eten ze niet of nauwelijks. Pas na een aantal dagen hebben ze weer hun oude eetlust. De dieren vermageren niet en worden niet ziek. Ik heb zelfs de indruk (kan suggestie zijn) dat zo'n rustpauze ze goed doet. De gedachte hierachter is de volgende. In de natuur is het ook niet altijd prachtig weer. Tijdens periodes van kilte en regen blijven de slangen in hun schuilplaatsen en zullen niet/nauwelijks eten. Daar zijn de slangen op "gebouwd". Ook in erg hete periodes zullen sommige soorten niet eten omdat ze dan in hun schuilplaatsen blijven. In het terrarium boots je dus een soort zomerrust na. Belangrijk is wel dat je alle verwarming/verlichting uitdoet en uitlaat.